G500-G599 Stationsdistrict
1. Kerninformatie
Het project bestaat uit de volgende vier ruimtelijke deelgebieden met ieder zijn eigen afzonderlijke deelexploitaties (zie plankaart aan eind van deze rapportage). De deelgebieden zijn:
- PHS (Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (X504, G508)
- Centrumkwartier (vastgoedontwikkelingen) (F015, F016, G502, G506, X510-102, X501-103)
- Centrumzijde (X501-101)
- Westerkwartier (F017, G501, G504, G505, X500-107, X500-108 t/m 114, X512 +X513)
Het Stationsdistrict met een totale oppervlakte van circa 15,8 hectare (exclusief PHS) zal zich de komende 10 jaar stapsgewijs ontwikkelen naar een multimodale mobiliteitshub in het hart van de stad. Met de verwerving van aanzienlijke rijks- en provinciale subsidies is het mogelijk geworden zowel de kwaliteits- als schaalsprong van station en omgeving integraal aan te pakken en kunnen bestaande knelpunten worden opgelost. In combinatie met de realisatie van de nieuwe Westentree en de versnelling van de woningbouw en bijbehorende infrastructuur, is de integrale gebiedsontwikkeling daarmee een feit. En wordt Stationsdistrict Nijmegen getransformeerd tot een plek van hoge verblijfskwaliteit waar reizen, wonen, werken, winkelen en recreëren samenkomen. In het Stationsdistrict zal in de periode 2026-2032 door publieke en private partijen circa € 1 miljard worden geïnvesteerd. We spreken bij het Stationsdistrict van een gebiedsexploitatie. Hierin zitten zowel planexploitaties (zoals Duet) als investeringsprojecten (zoals Westentree).
Planexploitatie vastgesteld: Oorspronkelijk vastgesteld 24 november 2021
Afsluiting gebiedsexploitatie: 31 december 2032

2. Projectgegevens
Programma | |
Woningen | 863 (zowel gemeentelijke ontwikkelingen als ontwikkelingen van derden) |
|---|---|
Parkeren | 750 gebouwde parkeerplaatsen (inclusief 573 openbare parkeerplaatsen Duet) |
Niet woningbouw | 13.781 m2 bvo |
Opp. plangebied | Circa 15,8 ha (exclusief PHS) |
Ontwikkelaar extern | Diverse partners |
In onderstaande tabel is het totale programma van het vastgoed binnen de gebiedsexploitatie Stationsdistrict opgenomen waarvan de start bouw nog niet is gestart. Het betreft zowel de gemeentelijke locaties (bijvoorbeeld Duet) als de ontwikkeling van derden (Woo-locatie) opgenomen. De verschillen ten opzichte van het MPG 2025 (kolom “Verschil”) komen bijna geheel door de start bouw van de locatie Nimwest. Door start bouw zitten deze aantallen niet meer in de prognose.
Programma | Gemeentelijke ontwikkeling | Ontwikkelingen derden | Totaal | Verschil | ||
|---|---|---|---|---|---|---|
Woningbouw | 763 | 100 | 863 | -441 | ||
Sociaal/goedkope huur | st | 257 | 0 | 257 | -163 | |
Goedkope koop (≤ € 313.000) | st | 63 | 30 | 93 | 30 | |
Middeldure huur/ betaalb. koop | st | 174 | 40 | 214 | -129 | |
Duur koop/vrije sector huur | st | 269 | 30 | 299 | -179 | |
Niet woningbouw | 13.781 | - | 13.781 | -7.828 | ||
Kantoren | m² bvo | 1.800 | - | 1.800 | -743 | |
Winkels/horeca | m² bvo | 2.640 | - | 2640 | -1.426 | |
Bijzondere bebouwing/overig | m² bvo | 9.341 | - | 9341 | -5.659 | |
Parkeren (gebouwde voorziening) | st | 714 | 36 | 750 | -158 |
Binnen de lopende projecten van het Stationsdistrict start de bouw nog van 619 betaalbare woningen, dit betekent een aandeel van circa 65%. In 2026 verwachten we een overeenkomst te sluiten met Talis over de ontwikkeling aan de Van Schaeck Mathonsingel. Vanaf dat moment zal deze ontwikkeling opgenomen worden in onderstaande prognose.
Onderstaande tabel betreft het programma binnen de gemeentelijke planexploitatie verdeeld over de verschillende vastgoedprojecten. Bij gemeentelijke planexploitaties zijn we als gemeente grondeigenaar en verkopen we de grond aan een ontwikkelaar. Bij ontwikkelingen van derden faciliteren we als gemeente.
Programma | Gemeentelijke ontwikkeling | Duet | Merleyn | Westerkwartier Noord (Vissers & P&R) | Belastingkantoor | |
|---|---|---|---|---|---|---|
Woningbouw | 763 | 383 | - | 196 | 184 | |
Sociaal/goedkope huur | st | 257 | 130 | - | 66 | 61 |
Goedkope koop (≤ € 313.000) | st | 63 | - | - | 32 | 31 |
Middeldure huur/ betaalb. koop | st | 174 | 111 | - | 32 | 31 |
Duur koop/vrije sector huur | st | 269 | 142 | - | 66 | 61 |
Niet woningbouw | 13.781 | 1.190 | 1.341 | 9.250 | 2.000 | |
Kantoren | m² bvo | 1.800 | - | - | 1.000 | 800 |
Winkels/horeca | m² bvo | 2.640 | 1.190 | - | 250 | 1.200 |
Bijzondere bebouwing/overig | m² bvo | 9.341 | - | 1.341 | 8.000 |
Planning
De volgende grafiek betreft de uitgifte van het woningbouwprogramma binnen de gemeentelijke planexploitatie verdeeld over de jaren. In het algemeen loopt het tempo van de op te leveren woningen nog volgens de afspraken die daarover in de woondeal zijn gemaakt met het ministerie van VRO en de provincie Gelderland. Binnen twee projecten zien we een vertraging ten opzichte van het MPG 2025. Uitgifte van Duet vindt niet plaats in 2026 maar in 2027 en de uitgifte voor de locatie Westerkwartier Noord is met één jaar vertraagd naar de jaren 2028 en 2029. Volgens planning heeft in 2025 grondverkoop plaatsgevonden van het gemeentelijke perceel onder Nimwest.

3. Ontwikkelingen laatste jaar
Voormalige UWV-locatie (Nimwest)
Begin 2025 is de sanering en onderzoek naar archeologie afgerond. Op 1 september was de start van de bouw van Nimwest, in aanwezigheid van demissionair minister Keijzer van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en wethouder Vergunst, de bouwpartijen en veel geïnteresseerde omwonenden. De bouw vordert inmiddels gestaag. In 2025 is gewerkt aan het voorlopig ontwerp van de openbare ruimte rondom Nimwest, inclusief voorplein.
Westentree (onderdeel van PHS Nijmegen)
De uitvoerende werkzaamheden voor project PHS Nijmegen en westentree zijn inmiddels in volle gang. Op 11 juni 2025 vond de officiële starthandeling van het project plaats.
Westentree (onderdeel van PHS Nijmegen)
Het nieuwe Metterswane
De bouwwerkzaamheden voor het nieuwe Metterswane tegenover het station zijn in volle gang. In juni 2025 is gestart met de verkoop van de woningen.
Centrumzijde
November 2025 hebben partijen (I&W, provincie, NS en gemeente Nijmegen) een samenwerkingsovereenkomst gesloten en ingestemd om het voorkeursalternatief verder uit te werken (raadsbesluit 8 oktober 2025). Ook is de financiering van alle partners hiermee vastgesteld. Met het BO-MIRT besluit dat 5 januari 2026 volgde op de ondertekening van de SOK, start de gezamenlijke planuitwerking formeel. De gemeentelijke bijdrage, past binnen het beschikbare gemeentelijke krediet. Daarnaast heeft de gemeente extra subsidie aangevraagd en beschikt gekregen vanuit het Rijk. Hiermee vervalt de toezegging van de gemeente om deze extra dekking via dit MPG te regelen (zie raadsbesluit verkenningsfase BO-MIRT, 26 aug 2025).
Parallel aan bovenstaande planuitwerking is de gemeente aan het studeren op mogelijke verbeteringen binnen de voorkeursvariant. Dit komt voort uit de aangenomen motie “geen zesje voor het stationsgebied” (raadsvergadering 8 oktober 2025).
Fiets- en voetgangerskruising Van Schaeck Mathonsingel – Stationsplein
De afgelopen twee jaar is de oversteek tussen fietsers en voetgangers bij de Van Schaeck Mathonsingel tijdelijk aangepast. Dit is gedaan om de plek veiliger te maken voor fietsers en voetgangers. Op basis van gesprekken met onder andere de Fietsersbond, de Oogvereniging en het Zelfregiecentrum én de positieve uitkomsten van de evaluatie, is geconcludeerd dat de aanpassingen werken. In 2025 is daarom de inrichting van de oversteek definitief gemaakt. Deze nieuwe inrichting blijft liggen tot het Stationsplein opnieuw wordt ingericht.
Talis
Talis is de planontwikkeling gestart voor een nieuw wooncomplex aan de Van Schaeck Mathonsingel ter vervanging van 22 appartementen. Er is een informatieavond geweest en er is een klankbordgroep opgericht. Er is een programma van eisen opgesteld in samenwerking met Talis als uitwerking van de gebiedsvisie, die eind februari door het college wordt vastgesteld. Drie leegstaande appartementen op de begane grond aan de Van Schaeck Mathonsingel worden de komende twee jaar niet bewoond en hebben ondertussen een bijzondere, tijdelijke invulling om meer reuring te organiseren in de plinten. De ontwikkeling aan Van Schaeck Mathonsingel maakt financieel en qua woningbouwaantallen nog geen onderdeel van de gebiedsexploitatie maar wordt verantwoord onder het onderdeel Pio’s.
Duet
De projectontwikkelaar VanWonen werkt in nauw overleg met de gemeente aan het voorlopig ontwerp van de woontoren en de openbare parkeergarage. Dit proces duurt langer dan verwacht. Vooruitlopend op een akkoord tussen de gemeente en VanWonen over een aangepast programma is in de Stadsbegroting 2026-2029 een claim ingebracht voor vergroting van de parkeergarage (rendabel krediet). Het is nog niet zeker of die vergroting wordt gerealiseerd.
Openbare ruimte schouwburg
Dit deelgebied is toegevoegd aan de gebiedsexploitatie, na besluitvorming in de Stadsbegroting 2026. Bij de provincie Gelderland loopt nog een vergunningenprocedure: flora en fauna. In het voorjaar is een aantal vleermuizenkasten opgehangen aan gebouwen rondom de Stadsschouwburg als alternatieve plek voor de vleermuizen. Het definitieve ontwerp voor de buitenruimte van de Stadsschouwburg is gereed.
Merleyn
Merleyn is toegevoegd aan de gebiedsexploitatie Stationsdistrict maar loopt al vele jaren. Poppodium Merleyn gaat verplaatsen naar de Nieuwe Marktstraat. Het bestemmingsplan hiervoor is in 2023 vastgesteld door de gemeenteraad. Tegen dit besluit loopt in 2025 nog een beroepsprocedure bij de Raad van State.
Bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en communicatie (BLVC)
In 2025 is het BLVC-overleg van gemeente met de aannemers in het gebied structureel geworden van de projecten in uitvoering. BLVC is een methode om systematisch eisen rond Bereikbaarheid, Leefbaarheid, Veiligheid en Communicatie vast te stellen om zo de impact van bouwactiviteiten en bouwlogistiek (verkeersbewegingen, emissies en geluidshinder etc.) op de omgeving te beperken. In 2026 zal het College het BLVC-kader voor het Stationsdistrict vaststellen inclusief dekkingsvoorstel.
Gebiedsgericht programma (uitwerking Gebiedsvisie)
Het concept gebiedsgericht omgevingsprogramma Stationsdistrict is een uitwerking van de gebiedsvisie Stationsdistrict welke de raad in 2024 heeft vastgesteld. Dit gebiedsgerichte omgevingsprogramma is kaderstellend, gericht op de lange termijn. In oktober heeft de raad deze vrijgegeven voor ter inzagelegging. Per project is de aanpak, het gewenst resultaat, uitgangspunten, planning, organisatie en financiën omschreven.
Wat zijn mee- of tegenvallers?
Als tegenvaller geldt de vertraging van Duet. Het proces om te komen tot start bouw van Duet duurt langer dan verwacht. Start bouw is daarom uitgesteld tot 2027.
Meevaller: in 2025 hebben we een succesvol subsidietraject doorlopen met het Rijk. Vanuit de NOVEX-locatie Stationsgebied (Stationsdistrict, Binnenstad en Waalfront) hebben we circa € 30 mln. (excl BTW) toegekend gekregen. Hiervan is een aanzienlijk deel voor het Stationsdistrict. Dit wordt verder toegelicht in hoofdstuk 4 financiën.
Ontwikkelingen van de doelstelling(en) van het project
Als grootschalige woningbouwlocatie is de inzet om het Stationsdistrict in het verlengde van de (concept) omgevingsvisie nadrukkelijker in te zetten om meer vastgoed toe te voegen op het gebied van wonen, werken en recreëren.
Eventuele veranderingen in de scope, planning en mogelijke scenario’s
In 2024 is de gebiedsvisie vastgesteld, daarin zijn een aantal deelgebieden omschreven buiten de bestaande scope van de lopende gebiedsexploitatie. Zo gaan we in 2026 aan de slag met de Tunnelweg en omgeving in relatie tot de herontwikkeling van het voormalige belastingkantoor. Dit is het eerste deelgebied dat we oppakken. In de projectkaart (paragraaf 7) staat de projectscope aangegeven. Naar verwachting leggen we een projectvoorstel voor aan de raad in 2026.
We zijn ook bezig met het opzetten van een projectplan voor de fietsopgang Hezelpoort. De raad heeft in de Stadsbegroting 2019 hier cofinanciering voor gereserveerd. Vanuit het Rijk hebben we ook subsidie ontvangen. Met het projectplan worden de (financiële) kaders geactualiseerd. Het streven is om in de Stadsbegroting 2027 richting de raad te rapporteren. In de plankaart (hoofdstuk 7) staat de uitbreiding aangegeven.
Voortgang op het gebied van participatie, communicatie en afstemming stakeholders
Participatie vindt meestal plaats op het niveau van de verschillende projecten of deelgebieden. Uitzondering daarop was de stads brede participatie over de gebiedsvisie Stationsdistrict, waarbij we in een vroege fase themasessies met relevante stakeholders organiseerden, en in een later stadium een groot stadsgesprek. In het Westerkwartier lopen al veel projecten en er zijn diverse structurele participatievormen zoals een omgevingsberaad, diverse klankbordgroepen, projectparticipatie en jaarlijkse inloopavonden. In het Centrumkwartier gaan de komende periode ook steeds meer projecten van start. Participatie gaan we hier dan ook intensiveren.
4. Financiën
Binnen de gebiedsexploitatie hanteren we drie verschillende type projecten die samen de gebiedsexploitatie Stationsdistrict vormen. In paragraaf 7 staat de scopekaart waarin de diverse projecten staan benoemd. De onderstaande tabel is een samenvatting van de financiële situatie van de gebiedsexploitatie. Het project kent een doorlooptijd tot 2032 en een totale investeringssom circa € 200 mln., het totale saldo is circa € 97,4 mln. nadelig. Dit saldo is, op circa € 0,7 mln. na, geheel afgedekt. In deze paragraaf zullen we de mutaties ten opzichte van het vorige MPG verder toelichten.
De dikgedrukte bedragen in de volgende tabel geven de extra benodigde dekking weer. Voor de grondexploitaties betekent dit geen extra voorziening. Voor de investeringsprojecten een aanvullend krediet van circa € 259.000 (zie beslispunt 1). Voor de faciliterende projecten geldt een aanvullend tekort van € 448.000 (prijspeil 1-1-2026). In algemeenheid is het tekort bij de investeringen toe te wijzen aan de onderzoekskosten voor mogelijke verbeteringen binnen de voorkeursvariant centrumzijde (circa € 200.000). Daarnaast zijn de kosten voor de tijdelijke fiets- en voetgangersoversteek bij het stationsplein en de Van Schaeck Mathonsingel circa 60.000 (na aftrek van subsidies en bijdragen). Het tekort bij de facilitaire projecten wordt verklaard door toegenomen planontwikkelingskosten.
In onderstaande tabel wordt het saldo tussen het vorige MPG vergeleken met het huidige MPG. In de Stadsbegroting 2026-2029 heeft besluitvorming plaatsgevonden die de mutatie tussen beide MPG’s voor een groot deel verklaren (circa € 3,1 mln.). De twee belangrijkste zijn:
- Een nieuw krediet voor het openbaar gebied rondom de schouwburg (- € 2,4 mln.);
- Anticiperend op een nieuw ontwerp voor de parkeergarage Duet is een extra dekking opgenomen voor de realisatie van meer parkeerplaatsen (- € 1,4 mln.);

De volgende tabel geeft het overzicht van de gehele gebiedsexploitatie. Over alle type projecten genomen zien we een stijging van de plankosten. Dit zijn zowel plankosten voor de voorbereiding van projecten maar ook zeker tijdens de uitvoering van projecten. Deze toename wordt verklaard door:
- Bij lopende projecten is meer inzet nodig voor intensieve participatie en raakvlakkenmanagement;
- De inzet op projectniveau is bij een aantal projecten hoger door vertraging (bijvoorbeeld Duet) of inhoudelijke toetsing (Westentree);
- Er gelden een aantal “specials” die (deels) ten laste komen van de gebiedsexploitatie. Denk hierbij aan het verbetertraject van de centrumzijde, aanstellen regisseur beheer openbare ruimte, toegankelijkheid en projectteam kabels en leidingen;
- Toevoegen van nieuwe projecten, zoals openbare ruimte schouwburg, zorgt voor toename van de plankosten.

Grondexploitatie
Grondexploitaties zijn vastgoedontwikkelingen waarbij wij zelf gronden in bezit hebben of deze actief willen verwerven. Het gaat hierbij om de projecten zoals Duet, voormalig Belastingkantoor, P&R/Vissers, Fresiastraat gemeentekavel (onderdeel Nimwest) en Merleyn. Uitzondering zijn de gemeentelijke begeleidingskosten van PHS. Het totale tekort op deze projecten is € 14,3 mln. en is gelijk aan vorig jaar. Dit tekort is afgedekt door middel van een voorziening.
Toelichting op verschillen projectkosten
De totale kosten nemen toe in het MPG 2026, dit wordt verklaard door:
- Toevoegen van deelgebied Merleyn;
- Hogere plankosten door vertraging in projecten Duet, P&R/Vissers en meer inzet voor toetsing en begeleiding van PHS (exclusief Westentree);
- Een andere toedeling van de algemene kosten binnen de gebiedsexploitatie. Deze worden nu over alle projecten verdeeld binnen de gebiedsontwikkeling in plaats van de investeringen.
- In 2025 is het voormalige belastingkantoor aangekocht van het Rijksvastgoedbedrijf. Samen met de gemaakte plankosten zijn dit de grootste mutaties in de boekwaarde.
Toelichting op verschillen projectopbrengsten
- Door gunstigere marktomstandigheden nemen de opbrengsten uit woningbouw en niet-woningbouw toe;
- Overige opbrengsten is met name hoger geworden door het inrekenen van een nieuwe subsidie. Dit betreft het Gebiedsbudget vanuit het Rijk.
Investeringen
Verreweg de meeste projectkosten van de gebiedsontwikkeling Stationsdistrict worden besteed aan zogenaamde investeringsprojecten. In de onderstaande tabel staan de kosten per investering. In totaal gaat het om ongeveer € 147 mln. aan investeringen. De Centrumzijde betreft de grootste investering.
Kijkend naar het totale saldo dan ontstaat er met dit MPG een beperkt verschil. Per saldo neemt het tekort toe met € 3,3 mln. van € 76,9 mln. naar € 80,2 mln., maar over € 3,1 mln. heeft al besluitvorming plaatsgevonden in de Begroting 2026-2029. Zoals eerder vermeld is het tekort bij de investeringen toe te wijzen aan de onderzoekskosten voor mogelijke verbeteringen binnen de voorkeursvariant centrumzijde (circa € 200.000). Daarnaast zijn er kosten voor de tijdelijke fiets- en voetgangersoversteek bij het stationsplein en de Van Schaeck Mathonsingel van circa € 60.000 (na aftrek van subsidies en bijdragen). Hieronder nog wat bijzonderheden in de projecten.
Toelichting op verschillen binnen projecten
- Centrumzijde: op basis van de getekende samenwerkingsovereenkomst zijn alleen de gemeentelijke onderdelen opgenomen in de exploitatie. Zo zal de gemeente zich richten op het busstation en de openbare ruimte en het Rijk bijvoorbeeld op de stationshal. Dit heeft geen gevolgen voor het saldo van deze ontwikkeling voor de gemeente maar wel voor het totale volume van kosten en opbrengsten. Er is dus geen sprake van een extra tekort. De gemeente heeft wel extra subsidie gekregen vanuit het Rijk.
- Verbindingsweg; de kosten nemen toe maar er zijn ook aanvullende afspraken gemaakt over kostenverhaal met ontwikkelaar van Metterswane (KWP). Per saldo betekent dit geen verslechtering;
- PHS Westentree; er is sprake van extra plankosten bij de uitwerking van het definitief ontwerp. Omdat er nog ruimte was in reeds beschikte subsidie resulteert dit niet tot een nadelig saldo;
- Deelgebied Algemeen vervalt, deze kosten worden nu over alle projecten verdeeld.
Het tekort van € 80,2 mln. wordt afgedekt door middel van diverse kredieten binnen verschillende programma’s van in totaal € 79,9 mln. Zie hiervoor de volgende tabel. Dit betekent dat er een aanvullend krediet nodig is van € 259.000 (zie beslispunt 1).
Gemeentelijke kredieten | Programma (in Begroting) | ||
X500* | Infra westzijde Stationsdistrict | € 9.084.000 | Wonen en stedelijke ontw. |
X501** | Infra centrumzijde Stationsdistrict | € 37.048.000 | Wonen en stedelijke ontw. |
X504 | Entree westzijde Spoorzone | € 14.468.000 | Wonen en stedelijke ontw. |
X512 | Fietsparkeergarage Duet | € 593.000 | Bereikbaarheid |
X513 | Autoparkeergarage Duet | € 15.638.000 | Bereikbaarheid |
X515 | Tijdelijke hulpwarmtecentrale Stationsd. | € 1.033.000 | Wonen en stedelijke ontw. |
X516 | Eerste fase warmtenet Stationsdistrict | € 2.066.000 | Wonen en stedelijke ontw. |
€ 79.931.000 | |||
* o.a. vijfknoop, fietsstraten en groene corridor (tussen Graafseweg en Tunnelweg) | |||
** Dit is openbare ruimte centrumzijde + verbindingsweg + openbare ruimte schouwburg | |||
Faciliterende ontwikkelingen
Faciliteren projecten zijn ontwikkelingen waar de gemeente geen grondpositie heeft maar wel begeleidingskosten maakt. In een overeenkomst worden afspraken gemaakt over het verhalen van deze kosten. Het gaat hierbij om Metterswane, de Woo-locatie en Nimwest. Het saldo verslechtert met circa € 448.000 prijspeil 1-1-2026. Dit komt met name door een toename in de planontwikkelingskosten en een bijstelling van de prognose van de te verhalen kosten (opbrengst).

Subsidies
Op het niveau van de gebiedsexploitatie zijn de inkomsten uit verkoop van grond relatief beperkt. Het merendeel bestaat uit subsidies en bijdragen. In totaal gaat het om circa € 87 mln. De laatste jaren hebben we vele subsidies beschikt gekregen. Ook in 2025 gaat het om circa € 30 mln. (excl BTW) via twee regelingen van het Rijk voor de NOVEX locatie stationsgebied (Stationsdistrict, Binnenstad en Waalfront). Binnen het stationsdistrict gaat het om lopende (zoals centrumzijde) en ontwikkelingen waar nog besluitvorming over moet plaatsvinden, inclusief cofinanciering door de gemeente (zoals de tunnelweg en omgeving).
In totaal gaat het om circa 15 verschillende lopende subsidietrajecten (Rijk en provincie). Dit is goed nieuws maar we moeten ook voldoen aan, vaak verschillende, voorwaarden. In de meeste gevallen gaat het over start bouw van voldoende woningen en het realiseren van de maattregelen (veelal infrastructurele werken). Het monitoren en verantwoorden van deze subsidies kost extra capaciteit en dus extra plankosten. In de exploitatie wordt rekening gehouden met een subsidieverwachting. Bij vaststelling van de gebiedsexploitatie in 2021 was er nog sprake van een subsidieverwachting van € 8 mln. en dit is de afgelopen jaren teruggebracht naar € 4,9 mln. De komende jaren verwachten we nog nieuwe subsidies binnen te halen. De Realisatiestimulans is daar een voorbeeld van. In 2026 moet duidelijk worden hoe we binnen de gemeente omgaan met de inzet van deze regeling.
5. Risico(beheersing)
Onderdeel van de gebiedsexploitatie is de risicoanalyse. Hiervoor is een Monte Carlo risicosimulatie opgesteld. Het totale risicoprofiel bedraagt € 35,2 mln. op eindwaarde, dit betreft het risicoprofiel van de totale gebiedsexploitatie. In de Begroting 2026-2029 werd rekening gehouden met een risicoprofiel van € 38 mln. op eindwaarde. Dit betekent een kleine daling van het risicoprofiel. Dit wordt verder toegelicht bij de onderstaande top 5 risico’s.
De grootste risico’s in volgorde van omvang zijn:
- (Gelijk) Centrumzijde; nog steeds het grootste risico ondanks de getekende samenwerkingsovereenkomst (SOK). De SOK zorgt op veel vlakken voor duidelijkheid maar onzekerheid is er nog over de concrete invulling van de zogenaamde 50-50% cofinancieringsafspraak tussen Rijk en Regio ten aanzien van de benodigde investeringen. Dit komt pas in de planfase aan de orde. Deze 50-50% regel betekent o.a. dat de gemeente garant staat voor toekomstige overschrijdingen voor het aandeel van de Regio. Risico’s omtrent fiscaliteit, indexatie en kostenoverschrijdingen komen daarmee deels bij de gemeente te liggen, aangezien de bijdrage van de Provincie een vast bedrag is.
- (Gelijk) Vertraging project; het project loopt langer door dan 2032.
- (Gelijk) Parameters; het project kent op dit moment geen rentelasten maar dit kan in de toekomst veranderen,
- (Hoger) Plankosten blijft een substantiële post met een onzekerheidsmarge en soms ook lastig te ramen. Zo zien we dat het stationsgebied op een aantal onderdelen als pilotfunctie functioneert (BLVC, toegankelijkheid, waterretentie). Het gaat vaak om beleidsambities die nu binnen de projecten uitgewerkt worden (en dus bekostigd). Als de pilotstatus niet geïmplementeerd wordt in de bestaande organisatie blijven de kosten drukken op de gebiedsexploitatie.
- (Lager) Minder subsidieopbrengsten: voor de gehele ontwikkeling wordt uitgegaan van een subsidieverwachting. Daarnaast bestaat het risico dat niet voldaan kan worden aan voorwaarden die gesteld worden bij verstrekte subsidies, zoals het volgens planning opleveren van woningen.
Wij hanteren hierbij de volgende beheersmaatregelen:
- BO MIRT: werken met taakstellende budgetten, verhogen risicoprofiel en sluiten bestuursovereenkomst voor afspraken, verantwoordelijkheden en risicoverdeling.
- Vertraging; continu monitoring planningskader, sturen op mensen en middelen en raakvlakmanagement met externe partners en projecten. Daarnaast stellen we periodiek de risicoanalyse op;
- Parameters; sturing op een gunstige cashflow. Dit betekent dat de kosten niet te veel vooruitlopen op de opbrengsten.
- Plankosten; maatregelen nemen om de plankosten beter te beheersen. Denk hierbij aan verbetering van projectmatig werken (inclusief urenregistratie).
- Minder subsidieopbrengsten: vanaf de start van de gebiedsexploitatie inrichten van een team subsidieverwerving en lobby, zorgen voor een helder langjarig consistent verhaal van de doelstellingen van de integrale gebiedsopgave, organiseren van korte lijnen met subsidiegevers provinciaal, landelijk en Europees, anticiperen op kansen door accenten in het te realiseren programma aan te passen. Daarnaast sturen we actief op het realiseren van het woningbouwprogramma. Een belangrijke voorwaarde bij veel subsidie.
In de onderstaande tabellen staat de verdeling van de 10.000 simulaties die door de Monte Carlo Analyse zijn gesimuleerd op basis van het opgegeven risicoprofiel. We stellen als eis om 80% van de simulaties af te dekken. Het totale risicoprofiel wat hierbij hoort is € 33,5 mln. op prijspeil heden. Voor de verwerking in de Stadsrekening wordt echter eindwaarde gehanteerd. Daarom wordt dit met rente verhoogd naar € 35,2 mln.
De risico’s zijn geïnventariseerd voor zowel de planexploitaties als de investeringsprojecten. In de financiële verantwoording wordt verschillend omgegaan met beide risicoprofielen. Daarom is een uitsplitsing gemaakt voor beide type projecten. Het risicoprofiel van de planexploitaties bedraagt € 15,9 mln. en van de investeringsprojecten bedraagt het € 19,3 mln.
6. Beslispunten
Bij de Stadsbegroting 2027-2030 voor te stellen het krediet Infra centrumzijde Stationsdistrict (X501-999) met een bedrag van € 259.000 op te hogen voor de wijzigingen in dit MPG van de investeringsprojecten binnen de gebiedsexploitatie Stationsdistrict.
7. Plangebied

